ECLI:NL:GHSHE:2010:BM5997
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Brants
- Milar
- Renckens
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake internationale kinderontvoering en gezagsuitoefening onder het HKOV
De zaak betreft een hoger beroep tegen een beschikking van de rechtbank die de onmiddellijke terugkeer van een minderjarige van Nederland naar Slowakije had gelast. De moeder had de minderjarige zonder toestemming van de vader en grootmoeder naar Nederland overgebracht. De centrale autoriteit had namens de vader en grootmoeder een verzoek tot terugkeer ingediend.
Het hof oordeelt dat de centrale autoriteit aan zijn inspanningsverplichting voor mediation heeft voldaan, ondanks dat mediation met de vader niet mogelijk was vanwege diens detentie in Slowakije. De moeder bracht de minderjarige over zonder toestemming van de vader, die gezamenlijk gezag had, maar het hof concludeert dat de vader zijn gezag niet daadwerkelijk uitoefende vanwege langdurige detentie en afwezigheid.
Ten aanzien van de grootmoeder is vastgesteld dat zij wel de vervangende persoonlijke zorg had, maar niet het recht om over de verblijfplaats van de minderjarige te beslissen. Daarom was de overbrenging niet in strijd met haar gezagsrecht. Gelet op het ontbreken van daadwerkelijke gezagsuitoefening door de vader, is de overbrenging niet ongeoorloofd in de zin van artikel 3 HKOV Pro.
Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek tot terugkeer af. De beoordeling van eventuele weigeringsgronden blijft achterwege omdat de overbrenging niet ongeoorloofd was.
De uitspraak benadrukt het belang van daadwerkelijke gezagsuitoefening en de reikwijdte van het gezagsrecht bij internationale kinderontvoeringen onder het HKOV.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot terugkeer van de minderjarige naar Slowakije af en vernietigt de beschikking van de rechtbank.