ECLI:NL:GHSHE:2010:BN7166
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Pouw
- Pellis
- Coster
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens ontbreken grieven in schuldsaneringszaak
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de rechtbank Breda waarin was vastgesteld dat zij toerekenbaar tekortgeschoten was in de nakoming van verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling. De rechtbank had tevens geoordeeld dat geen schone lei werd verleend op grond van artikel 358 lid 2 Faillissementswet Pro.
Het hof constateert dat appellant in het beroepschrift geen grieven heeft geformuleerd, maar slechts het recht voorbehoud heeft gemaakt om deze later aan te vullen. Hoewel een aanvullend beroepschrift is ingediend, is dit pas na bijna drie maanden gebeurd, terwijl de wettelijke termijn daarvoor acht dagen bedraagt. Dit is in strijd met vaste jurisprudentie die stelt dat een aanvullend beroepschrift met bekwame spoed moet worden ingediend.
Gezien het ontbreken van grieven en de overschrijding van de termijn verklaart het hof appellant niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Het vonnis van de rechtbank blijft daarmee in stand. Deze beslissing is genomen door het hof 's-Hertogenbosch en in het openbaar uitgesproken op 14 september 2010.
Uitkomst: Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven in het beroepschrift en overschrijding van de termijn voor aanvullend beroepschrift.