ECLI:NL:GHSHE:2010:BO7036
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J. Swinkels
- V.M. van Daalen-Mannaerts
- A.C. van Leijenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake aftrek kosten levensonderhoud dochters in inkomstenbelasting
Belanghebbende was op grond van een beschikking van de rechtbank verplicht maandelijks een geldelijke bijdrage te leveren voor de verzorging en opvoeding van zijn twee dochters. Hij trok deze bedragen af als kosten van levensonderhoud in zijn aangifte inkomstenbelasting, maar de inspecteur corrigeerde deze aftrekposten. De rechtbank oordeelde dat belanghebbende geen recht had op aftrek omdat hij de kosten niet in belangrijke mate droeg en zich niet redelijkerwijs gedwongen kon voelen deze uitgaven te doen, gezien de eigen inkomsten van zijn dochters.
In hoger beroep voerde belanghebbende aan dat het deurwaardersexploot waarin inhoudingen op zijn Anw-uitkering werden vermeld, aantoont dat hij recht heeft op aftrek. Het hof verwierp dit argument en bevestigde dat de term "levensonderhoud" in het exploot geen fiscale aftrekrechtvaardiging inhoudt. Het hof sloot aan bij de overwegingen van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Het hof wees ook een verzoek tot vergoeding van griffierecht af en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak is een schriftelijke vervanging van de mondelinge uitspraak waarop reeds cassatie is ingesteld. Tegen deze schriftelijke uitspraak kan geen nieuw cassatieberoep worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd dat belanghebbende geen recht heeft op aftrek van kosten levensonderhoud van zijn dochters.