ECLI:NL:GHSHE:2010:BQ6663
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Venner-Lijten
- Venhuizen
- Zweers-Van Vollenhoven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over rechtmatigheid ontslag op staande voet en werknemersaansprakelijkheid
De werknemer, sinds 1974 in dienst bij Alanheri N.V. als adjunct-directeur en procuratiehouder, werd op 17 maart 2008 op staande voet ontslagen wegens vermeende ernstige tekortkomingen in de financiële administratie. Alanheri stelde dat de werknemer bewust onjuiste cijfers presenteerde, wat leidde tot het ontslag en een vordering tot schadevergoeding.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag op staande voet niet standhield en dat er geen sprake was van werknemersaansprakelijkheid. Alanheri ging in hoger beroep tegen deze beslissingen. Het hof overwoog dat het ontslag niet onverwijld was gegeven omdat Alanheri al geruime tijd op de hoogte was van de kwesties die tot het ontslag leidden, maar pas in maart 2008 tot actie overging.
Verder stelde het hof dat voor aansprakelijkheid op grond van art. 7:661 BW Pro opzet of bewuste roekeloosheid vereist is, waarbij de werknemer zich bewust moet zijn van het roekeloze karakter van zijn handelen. Alanheri slaagde er niet in dit te bewijzen. De werknemer handelde volgens het hof niet met opzet of bewuste roekeloosheid, mede omdat hij aannemelijk maakte dat hij handelde in het belang van de onderneming en dat er een bestendige gedragslijn was.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter, wees de vorderingen van Alanheri af en veroordeelde Alanheri in de proceskosten van het hoger beroep. Het arrest werd op 20 juli 2010 uitgesproken.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat het ontslag op staande voet niet onverwijld is gegeven en dat de werknemer niet aansprakelijk is wegens opzet of bewuste roekeloosheid.