ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ9257
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- E.J. van Sandick
- A.C. van Schaick
- H.A. Groen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid schuldeiser bij beëindiging schuldsanering
In deze civiele zaak vordert [X.] betaling van openstaande bedragen van [Y.] voor verhuur en verbruik op een camping. De vordering werd aanvankelijk bij verstek toegewezen, maar na verzet stelde [Y.] dat de schuldsaneringsregeling op hem van toepassing was sinds 27 maart 2007, waardoor de vordering niet-ontvankelijk zou zijn voor zover deze betrekking had op voor die datum opeisbare facturen.
De kantonrechter vernietigde het verstekvonnis en wees de vordering van [X.] gedeeltelijk toe, namelijk voor schulden ontstaan na de schuldsanering. [X.] ging in hoger beroep tegen het gedeeltelijke afwijzen van haar vordering, stellende dat de schuldsanering tussentijds was beëindigd en zij daarom alsnog ontvankelijk zou moeten zijn.
Het hof oordeelt dat de niet-ontvankelijkheid niet wordt geheeld door de latere beëindiging van de schuldsanering. Dit zou leiden tot onwenselijke proceseconomische gevolgen en chicanes. [X.] zal een nieuwe procedure moeten starten voor het afgewezen deel van haar vordering. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt [X.] in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de vordering van [X.] gedeeltelijk afwijst wegens schuldsanering en veroordeelt haar in de kosten van het hoger beroep.