ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ9270
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- E.A.G.M. Waaijers
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepasselijkheid CAO op overeengekomen salaris in arbeidsovereenkomst
In deze zaak staat centraal of de Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO) van toepassing is op het in de arbeidsovereenkomst van 1 maart 2002 overeengekomen salaris tussen [X.] en [Y.]. [X.] vordert loonverhogingen conform de CAO, waaronder tredeverhogingen en eenmalige uitkeringen, terwijl [Y.] betwist dat de CAO op het salaris van toepassing is.
De arbeidsovereenkomst vermeldt een salaris dat nagenoeg gelijk is aan functieloonschaal F, trede 4 van de CAO, maar partijen hebben niet gesproken over de CAO of loonfunctieschalen bij de onderhandelingen. Het hof past de Haviltexmaatstaf toe om de zin van het beding te bepalen en concludeert dat partijen redelijkerwijs niet mochten verwachten dat de CAO inclusief loonfunctieschalen en treden op het overeengekomen salaris van toepassing was.
De loonvordering van [X.] wordt afgewezen, behalve de reeds toegewezen niet betwiste CAO-verhoging van 0,75% en eenmalige uitkeringen. Ook de vordering voor buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen wegens gebrek aan bewijs. De eerdere vonnissen worden bekrachtigd en [X.] wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de eerdere vonnissen en wijst de loonvordering van eiser af, behalve reeds toegewezen posten.