ECLI:NL:GHSHE:2011:BT1768
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- E.J. van Sandick
- E.M. Hofkes
- C.J.J.C. van Nispen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling redelijkheid handhaving recht van overpad bij buren
In deze zaak tussen buren staat de vraag centraal of het recht van overpad, gevestigd ten behoeve van het heersend erf, kan worden opgeheven omdat de eigenaar van het heersend erf geen redelijk belang meer zou hebben bij de uitoefening daarvan. De eigenaar van het dienend erf vordert opheffing van het recht van overpad om haar tuin te kunnen vergroten en haar woonhuis te waardevermeerdering.
Het hof overweegt dat opheffing slechts aan de orde is indien het heersend erf geen redelijk belang meer heeft bij het recht. De eigenaar van het heersend erf gebruikt het recht van overpad onder meer om een brandgang te bereiken en om een schuur op een perceel te bereiken. Hoewel de eigenaar van het dienend erf stelt dat er een alternatieve inrit is, is het niet van de eigenaar van het heersend erf te vergen dat hij deze als toegangsweg inricht, mede omdat deze als opslagplaats wordt gebruikt.
Daarnaast weegt het hof mee dat het recht van overpad ook van belang is bij een eventuele toekomstige verkoop van een perceel. Het belang van de eigenaar van het heersend erf bij het handhaven van het recht van overpad weegt zwaarder dan het belang van de eigenaar van het dienend erf bij uitbreiding van haar tuin. Het hof bekrachtigt daarom het vonnis van de rechtbank en veroordeelt de appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het recht van overpad blijft gehandhaafd omdat de eigenaar van het heersend erf een redelijk belang heeft bij het gebruik daarvan.