ECLI:NL:GHSHE:2011:BT6923
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- R.R.M. de Moor
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake betaling vaste kosten telefoonabonnement en toetsing oneerlijke bedingen
Intrum Justitia, als rechthebbende door cessie van Vodafone, vordert van [X.] betaling van openstaande abonnementskosten en buitengerechtelijke incassokosten. [X.] erkent een betalingsachterstand, maar betwist de hoogte en stelt dat bij ontbinding van de overeenkomst slechts een vergoeding van één jaar verschuldigd is.
De kantonrechter wees de vordering van Intrum Justitia af wegens onvoldoende onderbouwing, met name het ontbreken van facturen en algemene voorwaarden. In hoger beroep heeft Intrum Justitia alsnog facturen overgelegd, waaronder een laatste factuur van € 908,32 voor resterende abonnementskosten tot het einde van het contract.
Het hof oordeelt dat de grondslag van deze vordering onduidelijk is, mede omdat Intrum Justitia niet expliciet een boetebeding uit de overeenkomst of algemene voorwaarden heeft aangevoerd. Het hof wijst op de toepasselijkheid van de Richtlijn 93/13/EEG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten en stelt dat het beding ambtshalve moet worden getoetst op eerlijkheid.
Daarom verzoekt het hof Intrum Justitia om nadere gegevens en toelichting te verstrekken, waaronder leesbare contracten, algemene voorwaarden, en specificaties van de vordering. Totdat deze informatie is aangeleverd, houdt het hof iedere verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof houdt de zaak aan en verzoekt Intrum Justitia nadere gegevens en toelichting te verstrekken.