ECLI:NL:GHSHE:2011:BU2920
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.C. van der Vegt
- P.J.M. Bongaarts
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging heffing recht van overgang en geen strijd met EU-recht bij onthouden echtgenotenvrijstelling
Belanghebbende verkreeg het vruchtgebruik van de nalatenschap van haar overleden echtgenoot, die de Belgische nationaliteit had en in België woonde. De nalatenschap omvatte onroerende zaken in Nederland, waarop een aanslag recht van overgang werd opgelegd. Belanghebbende stelde dat deze aanslag en het onthouden van de echtgenotenvrijstelling in strijd waren met het Europese recht.
Het hof oordeelde dat de heffing van het recht van overgang, gebaseerd op het zakelijke bronbeginsel en de ligging van het vermogen in Nederland, niet onverenigbaar is met het EU-recht. Verder stelde het hof dat het verschil in behandeling tussen ingezetenen en niet-ingezetenen, en het onthouden van de echtgenotenvrijstelling, niet discriminerend is omdat België bij de successierechten rekening houdt met de persoonlijke draagkracht van belanghebbende.
De rechtbank bevestigde de uitspraak van de Rechtbank Breda en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen reden gezien om het betaalde griffierecht te vergoeden of proceskosten toe te wijzen.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de aanslag en het onthouden van de echtgenotenvrijstelling.