ECLI:NL:GHSHE:2011:BU7330
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- E.K. Veldhuijzen van Zanten
- C.D.M. Lamers
- P.C.G. Brants
- Rechtspraak.nl
Afwijzing omgangsverzoek grootouders wegens ontbreken nauwe persoonlijke betrekking
In deze zaak vorderen de grootouders een omgangsregeling met hun kleinkinderen op grond van artikel 1:377a BW. De moeder, die het gezag over de kinderen uitoefent, betwist dat er sprake is van een nauwe persoonlijke betrekking tussen grootouders en kleinkinderen en stelt dat de contacten gebruikelijk en niet meer dan dat zijn.
Het hof heeft de feiten en het bewijs, waaronder verklaringen van partijen en het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming, zorgvuldig gewogen. Hoewel er korte perioden van verblijf bij de grootouders waren, is dit van te korte duur om te spreken van een nauwe persoonlijke betrekking. De contacten zijn beoordeeld als gebruikelijke familiecontacten zonder bijzondere bijkomende omstandigheden.
De rechtbank had eerder een omgangsregeling vastgesteld, maar het hof vernietigt deze beschikking en wijst het verzoek van de grootouders af. Het hof benadrukt dat de grootouders niet ontvankelijk zijn omdat zij niet hebben aangetoond dat er een nauwe persoonlijke betrekking bestaat zoals vereist door de wet.
De uitspraak bevestigt het belang van het criterium van nauwe persoonlijke betrekking voor omgangsverzoeken van grootouders en benadrukt dat gewone familiecontacten niet voldoende zijn om een omgangsregeling af te dwingen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de grootouders tot omgang met hun kleinkinderen af wegens het ontbreken van een nauwe persoonlijke betrekking.