ECLI:NL:GHSHE:2012:BV1002

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
5 januari 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
01-889019-11 / AVNR. 001783-11
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Raadkamer
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 406 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid hoger beroep officier van justitie tegen schorsing voorlopige hechtenis

In deze zaak heeft de officier van justitie hoger beroep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank waarbij het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van verdachte werd toegewezen. Tijdens de terechtzitting van 29 november 2011 werd het verzoek tot schorsing ter zitting gedaan en de beslissing daarop aan verdachte medegedeeld. Hoewel de beslissing ook apart is geminuteerd, doet dit niet af aan het feit dat de beslissing ter zitting is genomen.

Het gerechtshof overweegt dat artikel 406 van Pro het Wetboek van Strafvordering expliciet de mogelijkheid van hoger beroep tegen een dergelijke beslissing uitsluit. Daarom verklaart het hof de officier van justitie niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep. De advocaat-generaal brengt deze beschikking ter kennis van verdachte.

De uitspraak bevestigt de beperkte mogelijkheden tot hoger beroep tegen beslissingen over schorsing van voorlopige hechtenis en benadrukt het belang van de expliciete uitsluiting in artikel 406 Sv Pro. Hiermee wordt de rechtszekerheid en de efficiëntie van voorlopige hechtenisprocedures gewaarborgd.

Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep tegen de schorsing van de voorlopige hechtenis.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Sector strafrecht
Bijzondere zaak, nummer: AVNR. 001783-11
Parketnummer 1e aanleg: 01-889019-11
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gezien de akte van de griffier van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 6 december 2011, waarbij door de officier van justitie in de zaak tegen:
[verdachte]
geboren [in 1988] te [geboorteplaats]
wonende te [adres en woonplaats]
hoger beroep is ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 29 november 2011, bij welke beschikking het verzoek tot schorsing van de aan [verdachte] opgelegde voorlopige hechtenis werd toegewezen.
Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep.
Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door zijn raadsman.
Het hof overweegt dat het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting van 29 november 2011 ter terechtzitting is gedaan en de beslissing daarop aan de verdachte ter terechtzitting is medegedeeld, waarbij het feit dat de beslissing ook nog apart is geminuteerd aan vorenstaande niet afdoet.
Het hof is van oordeel dat het bepaalde in artikel 406 van Pro het Wetboek van Strafvordering de mogelijkheid van hoger beroep tegen een dergelijke beslissing expliciet uitsluit en het hof zal om die reden de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaren in zijn hoger beroep.
BESCHIKKENDE IN HOGER BEROEP:
Verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Aldus gedaan op 5 januari 2012
door mr. J.P.F. Rijken, voorzitter, mr. F. van Beuge en mr. A.H. Klip,
in tegenwoordigheid van mw. S.A.A.P. van Hees, griffier.
De advocaat-generaal bij dit Gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van verdachte.
's-Hertogenbosch, 5 januari 2012
Gezien d.d.
De directeur van