ECLI:NL:GHSHE:2012:BV6054
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.M. Aarts
- C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering inzage bankafschriften en pensioenafspraken op grond van art. 843a Rv
In deze civiele procedure vordert het Pensioenfonds inzage in bankafschriften en schriftelijke afspraken tussen Eska en de erfgenamen van de overleden werknemer met betrekking tot arbeidsongeschiktheidspensioenrechten en nabestaandenpensioenrechten. De vordering is ingesteld op grond van artikel 843a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, dat inzage in bepaalde bescheiden mogelijk maakt indien aan cumulatieve voorwaarden wordt voldaan.
Het hof overweegt dat het Pensioenfonds onvoldoende concreet heeft omschreven welke stukken worden gevorderd en waarom het een rechtmatig belang heeft bij deze inzage. Daarnaast is het Pensioenfonds geen partij bij de onderliggende rechtsbetrekking tussen Eska en de erfgenamen, waardoor niet aan de voorwaarden van artikel 843a Rv wordt voldaan. Het hof benadrukt dat dit artikel geen algemeen inzagerecht biedt en dat stukken duidelijk en bepaalbaar moeten zijn.
Gelet op het voorgaande wijst het hof de vordering in het incident af. De beslissing over de kosten wordt aangehouden tot de einduitspraak in de hoofdzaak. De hoofdzaak zelf wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling. Dit arrest is gewezen door de kamer van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch en in het openbaar uitgesproken op 14 februari 2012.
Uitkomst: De vordering tot inzage in bankafschriften en pensioenafspraken wordt afgewezen wegens het ontbreken van concreet omschreven stukken en rechtmatig belang.