ECLI:NL:GHSHE:2012:BW3229
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- E.A.G.M. Waaijers
- R.R.M. de Moor
- M.W.C. de Jonge
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake loonvorderingen Filippijnse matrozen en toepasselijk recht
In deze zaak gaat het om Filippijnse matrozen die arbeidsovereenkomsten hebben gesloten op basis van zowel Filippijns als Nederlands recht, en loonvorderingen hebben ingesteld tegen Gyron Crew Inc. en Gyron Shipping (PTE) Ltd. De matrozen verrichtten werkzaamheden op Nederlandse binnenvaartschepen. De centrale vragen betreffen de rechtsmacht van de Nederlandse rechter, de toepasselijkheid van het arbitragebeding en het toepasselijke recht op de arbeidsovereenkomsten.
Het hof overweegt dat de Nederlandse rechter bevoegd is, mede gelet op het feit dat de arbeid hoofdzakelijk in Nederland wordt verricht en dat de Nederlandse arbeidsovereenkomsten rechtskeuze voor Nederlands recht bevatten. Het arbitragebeding in de POEA-rules is niet van toepassing op de Nederlandse arbeidsovereenkomsten en bindt niet aan niet-CAO gebonden werknemers. De stellingen van Gyron Crew Inc. dat de vorderingen ondeugdelijk zijn, worden verworpen wegens onvoldoende onderbouwing en bewijs.
Daarnaast wordt geoordeeld dat de volmacht van de matrozen aan hun advocaat aannemelijk is, ondanks verklaringen uit de Filippijnen die dit betwisten. Het hof heft het beslag op de vordering van één matroos op diens verzoek op, maar handhaaft het beslag voor de overige matrozen. De uitspraak van de voorzieningenrechter wordt grotendeels bekrachtigd, met uitzondering van het deel betreffende de eerste geïntimeerde.
Uitkomst: Het beslag wordt opgeheven voor één matroos en gehandhaafd voor de overige; de Nederlandse rechter is bevoegd en Nederlands recht is van toepassing.