ECLI:NL:GHSHE:2012:BX3633
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.E.L.M. Smeenk-Van der Weijden
- E.A.G.M. Waaijers
- M. van Ham
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kennelijk onredelijk ontslag en toepassing afspiegelingsbeginsel bij bedrijfseconomisch ontslag
De zaak betreft het hoger beroep van een werknemer tegen het ontslag door ItoM B.V. op grond van bedrijfseconomische redenen. De werknemer betoogt dat het ontslag kennelijk onredelijk is, onder meer omdat de reden voor ontslag voorgewend zou zijn, het afspiegelingsbeginsel niet correct is toegepast en de gevolgen van het ontslag te zwaar wegen.
Het hof stelt vast dat ItoM financieel zwaar getroffen is door de economische crisis en dat het UWV terecht toestemming heeft gegeven voor ontslag van zes werknemers, waaronder de appellant. De stelling dat de reden voor ontslag voorgewend zou zijn, wordt verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. Het hof benadrukt dat het afspiegelingsbeginsel sinds 2006 geldt en toetst of ItoM dit correct heeft toegepast, waarbij de onderlinge uitwisselbaarheid van functies centraal staat.
De appellant voert aan dat zijn functie gelijkwaardig en uitwisselbaar is met die van een collega die niet is ontslagen. Het hof acht een deskundigenonderzoek noodzakelijk om dit te beoordelen. Ten aanzien van het gevolgencriterium oordeelt het hof dat de nadelige gevolgen voor de werknemer niet zwaarder wegen dan het belang van ItoM bij het ontslag, mede gezien de bedrijfseconomische noodzaak en de omstandigheden van de werknemer.
De zaak wordt aangehouden voor het deskundigenonderzoek en nadere uitlatingen van partijen, waarna verdere beslissing volgt.
Uitkomst: De zaak is aangehouden voor deskundigenonderzoek naar de uitwisselbaarheid van functies en nadere uitlatingen van partijen.