ECLI:NL:GHSHE:2012:BY0804
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.M. Brandenburg
- P.M.A. de Groot-van Dijken
- P.M. Huijbers-Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep mishandeling met beroep op noodweer en eigen schuld
Op 26 oktober 2006 ontstond een conflict tussen appellant en geïntimeerde, beiden werknemers bij Faurecia. Na werktijd troffen zij elkaar op het terrein, waarbij geïntimeerde appellant met een kettingslot op het hoofd sloeg, wat leidde tot ernstig letsel bij appellant. Appellant vorderde schadevergoeding wegens onrechtmatige daad.
De rechtbank achtte het beroep van geïntimeerde op noodweer voorshands gegrond, maar het hof vernietigt dit oordeel. Het hof stelt vast dat het niet vaststaat dat appellant met een ijzeren voorwerp dreigde, waardoor het slaan met het kettingslot niet gerechtvaardigd was. Geïntimeerde slaagde er niet in het beroep op noodweer te bewijzen.
Het hof beoordeelt ook de eigen schuld van appellant, die voorafgaand aan het incident geïntimeerde discrimineerde, uitschold en de confrontatie uitlokte door hem op te wachten. Hierdoor draagt appellant een aandeel van 35% in de schade. De zaak wordt verwezen voor nadere onderbouwing van de schade, waarna verdere beslissing zal volgen.
Uitkomst: Geïntimeerde handelde onrechtmatig zonder rechtvaardigingsgrond, appellant draagt eigen schuld van 35%, zaak verwezen voor nadere schadebeoordeling.