ECLI:NL:GHSHE:2012:BY2156
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- M.J. van Laarhoven
- C.E.M. Renckens
- G.J. Vossestein
- Rechtspraak.nl
Behoeftigheid studerende meerderjarige zoon en onderhoudsverplichting vader
De zaak betreft een geschil over de onderhoudsverplichting van een vader jegens zijn meerderjarige studerende zoon. De zoon had een bijdrage in zijn levensonderhoud en studiekosten gevorderd, gebaseerd op het echtscheidingsconvenant en zijn behoeftigheid na het bereiken van de 21-jarige leeftijd.
De rechtbank had de vader verplicht tot betaling van een maandelijkse bijdrage, maar het hof oordeelt dat de zoon niet behoeftig is in de zin van artikel 1:392 lid 2 BW Pro, omdat hij reeds een MBO-opleiding heeft afgerond en in staat is door arbeid in eigen levensonderhoud te voorzien. Het volgen van een voltijdopleiding maakt hem niet behoeftig.
Het hof stelt ook vast dat het convenant geen derdenbeding bevat dat de zoon een zelfstandig afdwingbaar recht op alimentatie na zijn 21e verjaardag geeft. Daarnaast is onvoldoende onderbouwd dat er sprake is van een rechtens afdwingbare natuurlijke verbintenis die een bijdrage van de vader rechtvaardigt.
Het hof vernietigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek van de zoon af. Tevens bepaalt het hof dat de vader reeds betaalde bedragen als onverschuldigd betaald kan terugvorderen. De overige grieven van de vader behoeven geen bespreking meer.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de zoon af en vernietigt de onderhoudsverplichting van de vader wegens gebrek aan behoeftigheid.