Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de vrouw, bijgestaan door mr. Kouwenaar;
- de man, bijgestaan door mr. Geradts.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Partijen zijn in 1976 gehuwd en zijn in 1988 naar Malta verhuisd, waar zij in 2001 uit elkaar gingen. De vrouw vroeg partneralimentatie van €750 per maand, stellende dat er nog steeds een lotsverbondenheid bestond. De man betwistte dit en stelde dat de vrouw sinds 2001 financieel onafhankelijk was en een langdurige affectieve relatie had met een ander.
De rechtbank wees het verzoek van de vrouw af en het hof bevestigde deze beslissing. Het hof overwoog dat de onderhoudsverplichting is gebaseerd op de lotsverbondenheid die voortvloeit uit het huwelijk. Na ruim tien jaar zonder samenwoning en met een onafgebroken affectieve relatie met een ander, is er geen redelijke grond meer voor een onderhoudsverplichting.
Het hof nam tevens mee dat de vrouw gedurende die periode geen aanspraak heeft gemaakt op alimentatie en financieel zelfstandig was. De rechtbank en het hof concludeerden dat de vrouw in staat was haar eigen levensonderhoud te voorzien. Daarom werd het verzoek tot partneralimentatie afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot partneralimentatie af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.