Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht
1.[geïntimeerde 1],wonende te [woonplaats ],
[geïntimeerde 2],wonende te [woonplaats ],
5.Het verloop van de procedure
6.De gronden van het hoger beroep
7.De beoordeling
Bijzondere bepalingen” vermeld:
Er zal een erfdienstbaarheid van weg worden gevestigd om te komen en te gaan vanaf de [straatnaam 1] op de minst bezwaarlijke wijze.”
Vooruitlopend op de notariële overdracht verzoeken wij u nadere activiteiten in gang te zetten, zodat de erfdienstbaarheid van weg ook per de geplande datum van passeren van de notariële akte benut kan worden. Voor ons is dit zeker van belang in verband met bereikbaarheid per auto van de “achterom” voor o.a. verbouwing, renovatie, verhuizing e.d.
(…) faxte wij afgelopen vrijdag 23 maart jl. bijgevoegde brief maar kort daarop stond [makelaar] op mijn stoep met allerlei dwingende mededelingen, waarvan een deel niet overeen stemt met de mondelinge afspraken. (…)
uiterlijke passeerdatum 5 april 2007 anders volgt ingebrekestelling en zal de boete opge-eist worden.
Ons allen is bekend dat de oplevering van het door mij gekochte woonhuis (…) niet in orde was. (…) de gebreken als volgt samen te vatten zijn:
Vóór het sluiten van de koopovereenkomst was U bekend met de situatie ter plekke en de aanwezigheid van een stalletje. Nergens in de koopovereenkomst staat dat het stalletje zou worden gesloopt. Nu er dienaangaande geen afspraken gemaakt zijn tussen partijen, geldt dan ook dat er slechts een erfdienstbaarheid verkregen kan worden voor zover de situatie ter plekke het toelaat. (…)”
Ter plaatse wordt door de rechter waargenomen dat de inrit naar de achterzijde van het perceel gelegen aan de [straatnaam 1][huisnummer A] in [woonplaats ] met een kleine personenwagen toegankelijk is, maar met een grote personenwagen niet, of althans ik elk geval niet op een normale wijze door een vloeiende beweging. Voorts wordt waargenomen dat ter plaatse een schuurtje is gelegen, waardoor de toegang tot het perceel in enige mate wordt belemmerd. Deze belemmering bestaat daarin dat de rijwegbreedte door het schuurtje wordt beperkt, waardoor de indraai naar de haaks op de rijweg gelegen tuin van het perceel [straatnaam 1][huisnummer A] niet in één beweging van het voertuig mogelijk is.
Bij de bezichtiging (…) van de woning door [appellant] is ook ter sprake gekomen de toegang aan de achterzijde van de woning. Er is door mij aan [appellant] medegedeeld dat er een erfdienstbaarheid zou worden gevestigd, terzelfdertijd van de levering van de woning, inhoudende het recht voor de eigenaar van de te verkopen woning om vanaf de [straatnaam 1] te gaan naar het achtererf van de woning. (…)
(…) De makelaar heeft mij uitgelegd dat het de bedoeling was dat men met een personenauto vanaf de [straatnaam 1] toegang zou hebben tot de achterzijde van de woning. Mij leek dat het daar te smal was om met een auto op een normale wijze in te draaien. (…) De makelaar heeft mij daarop uitgelegd dat men bij de verkoop van andere onroerende objecten in hetzelfde geschakelde gebouwde daar het voornemen had de toegang aan de achterzijde te verbeteren. Het ter plaatse aanwezige grasveld zou worden bestraat zodat daar parkeerplaatsen zouden ontstaan. Ook zou het meerbesproken schuurtje worden afgebroken, zodanig dat de toerit kon worden verbreed.
(…) Makelaar [makelaar] heeft ons verteld dat er een toerit was vanaf de [straatnaam 1] waar alle gebruikers van de bebouwing ter plaatse gebruik kunnen maken. Ik heb tegen de makelaar gezegd dat mij deze toerit wel heel erg smal leek, vooral als men zou moeten indraaien naar de achtertuin van het perceel met nummer [huisnummer A]. De makelaar heeft daarop gezegd dat de verharding van de uitrit zou worden uitgebreid tot aan de achterzijde van het cafë. Ter plaatse van het gras zouden parkeerplaatsen worden aangelegd voor de bewoners van de appartementen. Het schuurtje zou worden weggehaald waardoor meer ruimte zou ontstaan voor de indraai naar de achtertuin van perceel [huisnummer A]. (…)”
dat een woning te koop staat”, maar om het feit dat [geïntimeerden] over de overeengekomen koopsom vanaf de afgesproken datum van levering rente zouden hebben genoten, indien [appellant] zijn uit die koopovereenkomst voortvloeiende verplichtingen was nagekomen. Het gaat om vergelijking van de situatie waarin [geïntimeerden] zouden hebben verkeerd wanneer [appellant] de overeenkomst was nagekomen met de situatie waarin zij hebben verkeerd nu dat niet het geval was.
Slechts aanvullende schadevergoeding of volledige schadevergoeding naast de boete? Incidentele grief 1.