Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[melkvee] B.V.,
[Beheer] Beheer B.V.,
[geïntimeerde 3] ,
[geïntimeerde 4] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 105814/HA ZA 10-971)
2.Het geding in hoger beroep
3.De gronden van het hoger beroep
4.De beoordeling
jegens [Onroerend Goed OG]ten grondslag gelegd dat hij een koopovereenkomst heeft gesloten met [Onroerend Goed OG] waarbij zij zich heeft verplicht om een referentiehoeveelheid melk aan [appellant] te leveren, tegen een door [appellant] te betalen koopprijs van € 527.100,00. Ondanks het feit dat [appellant] de koopprijs heeft voldaan, blijft [Onroerend Goed OG] ook na sommatie in gebreke om aan haar leveringsverplichting te voldoen. [appellant] heeft het melkquotum dringend nodig en vordert nakoming van de koopovereenkomst door [Onroerend Goed OG] . Daarnaast vordert [appellant] vergoeding van de schade die hij stelt te hebben geleden en nog zal lijden doordat het melkquotum niet tijdig aan hem is geleverd. Volgens [appellant] heeft hij reeds € 213.501,18 aan schade geleden. De melkfabriek heeft dit bedrag aan superheffing ingehouden op de melkprijs van door [appellant] geleverde melk, omdat hij niet beschikte over een melkquotum voor het melkprijsjaar 2009/2010.
jegens [melkvee] c.s.ten grondslag gelegd dat zij zich hoofdelijk hebben verbonden voor de uit de koopovereenkomst voortvloeiende leveringsverplichting van [Onroerend Goed OG] . [melkvee] c.s. zijn daarom hoofdelijk, naast [Onroerend Goed OG] , verplicht om het gekochte melkquotum aan [appellant] te leveren en om de schade te vergoeden die hij heeft geleden en nog zal lijden doordat het melkquotum niet tijdig aan hem is geleverd.