Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[melkvee] B.V.,
[Beheer] Beheer B.V.,beiden gevestigd te [vestigingsplaats] ,
[geïntimeerde 3] ,
[geïntimeerde 4] ,beiden wonende te [woonplaats] ,
6.Het tussenarrest van 22 oktober 2013
7.Het verloop van de procedure
8.De verdere beoordeling
- de heer [getuige 1] en mevrouw [getuige 2] , medewerker respectievelijk plaatsvervangend directeur bij de belastingdienst;
- mevrouw [getuige 3] , echtgenote van [appellant] ;
- de heer [getuige 4] , belastingadviseur en docent;
- de heer [bestuurder van Advies B.V.] , directeur en enig aandeelhouder van [Advies B.V.] Advies B.V.
[Onroerend Goed OG]en dat [melkvee] c.s. zich hoofdelijk hebben verbonden voor de uit die overeenkomst voortvloeiende leveringsverplichting van [Onroerend Goed OG] .
uiteindelijkheeft geleid tot een breuk tussen [geïntimeerde 4] en [bestuurder van Advies B.V.] . De producties 15 en 16 doen dan ook niet af aan de getuigenverklaring van [geïntimeerde 4] . Overigens hebben [melkvee] c.s., waaronder [geïntimeerde 4] , in de processtukken ook nooit ontkend dat [bestuurder van Advies B.V.] in het najaar van 2009 nog betrokken is geweest bij de splitsing van het concern.
‘Dat komt omdat deze kwestie al jaren speelt en constant wordt besproken tussen mij en mijn echtgenoot’.
‘Ik zorg dat jij je melk krijgt. (…) Ik en [melkvee] staan garant’. Deze partijgetuigenverklaring vindt steun in de getuigenverklaring van [bestuurder van Advies B.V.] die over deze bespreking heeft verklaard:
‘vanwege zijn drukke agenda’in lijn is met de getuigenverklaring van [geïntimeerde 4] dat hij meteen door moest naar een andere afspraak. Overigens heeft [appellant] tijdens het pleidooi zelf gesteld dat [bestuurder van Advies B.V.] en [geïntimeerde 4] aansluitend aan de bespreking met [appellant] in een andere ruimte met een andere partij in gesprek moesten in verband met problemen in Amerika. Dit strookt in ieder geval, voor zover het [geïntimeerde 4] betreft, met diens getuigenverklaring.