Uitspraak
GERECHTSHOF ̓s-HERTOGENBOSCH
1.[Appellant 1.],
[Appellante 2.],
1.[Geintmeerde 1.],
[Geintimeerde 2.],
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak draait het om de aanwezigheid van asbest in een woning die door appellanten is gekocht. Hoewel in de koopovereenkomst was opgenomen dat de verkoper aansprakelijk zou zijn voor kosten van verwijdering van asbesthoudend materiaal waarvan hij redelijkerwijs op de hoogte kon zijn, ontstond discussie over de omvang van de aanwezige asbest en de kennis daarvan door de verkoper.
De koper had voorafgaand aan de koop een bouwkundige keuring laten uitvoeren waarbij asbest werd vastgesteld, en er was een rapport uit 1997 dat melding maakte van asbest in diverse delen van de woning. Na de overdracht bleek uit een aanvullend rapport dat er meer asbest aanwezig was dan alleen het bekende pijpje in de meterkast. De verkoper weigerde de kosten van verwijdering te betalen.
Het hof stelde vast dat de verkoper redelijkerwijs op de hoogte kon zijn van het asbest in de ventilatiekanalen en standleidingen, aangezien dit in het rapport uit 1997 stond dat hij destijds in bezit had. De verkoper kon zich niet beroepen op onwetendheid. De kosten van verwijdering van dit asbesthoudend materiaal moeten daarom door de verkoper worden gedragen, tenzij dit naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn, wat niet het geval was.
Het hof besloot de zaak aan te houden voor benoeming van een deskundige die de kosten en omvang van de verwijdering en herstelwerkzaamheden moet vaststellen. Tevens werd partijen de mogelijkheid geboden om een regeling te treffen. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 29 oktober 2013.
Uitkomst: De verkoper is aansprakelijk voor de kosten van verwijdering van asbesthoudend materiaal in ventilatiekanalen en standleidingen, zaak aangehouden voor deskundigenonderzoek.