ECLI:NL:GHSHE:2013:6373
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- N.J.M. van Etten
- C.D.M. Lamers
- G.J. Vossestein
- Rechtspraak.nl
Verdeling van schulden na echtscheiding van in gemeenschap van goederen gehuwde echtgenoten
Partijen waren gehuwd in gemeenschap van goederen en zijn in 2010 gescheiden. De activa van de huwelijksgemeenschap zijn verdeeld, maar de verdeling van de schulden bleef onopgelost. De rechtbank had geoordeeld dat partijen ieder voor de helft draagplichtig zijn voor de schulden, maar enkele vorderingen werden afgewezen.
In hoger beroep vordert de man dat de schulden aan Rabobank en DUO tot de huwelijksgemeenschap worden gerekend en dat de vrouw haar helft betaalt, terwijl de vrouw betwist dat de schulden tijdens het huwelijk zijn aangegaan en stelt dat zij geen genot heeft gehad van de schulden. Het hof overweegt dat voorhuwelijkse schulden ook tot de gemeenschap behoren tenzij sprake is van verknochtheid, wat hier niet is aangetoond.
Het hof stelt dat de hoofdregel van gelijke draagplicht geldt en dat geen uitzonderlijke omstandigheden zijn om hiervan af te wijken. De man kan regres nemen op de vrouw voor het meerdere dat hij heeft betaald. De vorderingen tot betaling van wettelijke rente worden afgewezen omdat niet is vastgesteld dat de vrouw in verzuim is. De vorderingen van de vrouw betreffende ABN-Amro schulden worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs.
De proceskosten worden gecompenseerd en ieder draagt zijn eigen kosten. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bepaalt dat de schulden aan Rabobank en DUO tot de huwelijksgemeenschap behoren en dat partijen ieder voor de helft draagplichtig zijn, met regresrecht voor overbetalingen door de man.