ECLI:NL:GHSHE:2013:BY8146
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- M.J.C. Koens
- O.G.H. Milar
- A.P. van der Linden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ontheffing ouderlijk gezag minderjarige met beperking
In deze zaak stond het verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming centraal om de ouders te ontheffen van het ouderlijk gezag over hun minderjarige zoon met een ernstige verstandelijke en lichamelijke beperking. De minderjarige verblijft sinds 2006 in een AWBZ-instelling en staat onder toezicht met een machtiging tot uithuisplaatsing. De ouders waren het niet eens met de ontheffing en gingen in hoger beroep.
Het hof nam kennis van de feiten, waaronder de langdurige ondertoezichtstelling, de betrokkenheid van de ouders bij de zorg en de goede samenwerking met de instelling. Hoewel de raad stelde dat ontheffing noodzakelijk was voor het opzetten van een vervolgtraject na meerderjarigheid, stelde het hof vast dat een dergelijk traject nog niet was gestart en dat de ouders tot de meerderjarigheid van hun zoon zullen blijven instemmen met de uithuisplaatsing.
Het hof oordeelde dat ontheffing van het gezag geen positief effect zou hebben op de behandeling en ontwikkeling van de minderjarige. Gezien zijn functioneren op het niveau van een kind van 13 maanden en de korte resterende periode tot zijn meerderjarigheid, weegt het belang van het kind zwaarder dan de maatregel van ontheffing. Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en wees het het verzoek van de raad af.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot ontheffing van het ouderlijk gezag af en handhaaft het gezag van de ouders over de minderjarige.