ECLI:NL:GHSHE:2013:BY9872
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens verduistering uit hoofde van persoonlijke dienstbetrekking
Verdachte, vennoot en managing partner van een B.V. die de financiële administratie voerde van Stichting R, heeft tussen januari 2008 en september 2009 zonder toestemming geldbedragen van in totaal €82.048,50 van de bankrekening van Stichting R overgemaakt naar een rekening van zijn eigen vennootschap. Verdachte stelde dat er een leningsovereenkomst met Stichting R was gesloten, maar het hof oordeelde dat deze lening niet aannemelijk was en dat verdachte wist dat hij geen toestemming had.
Het hof baseerde zich op verklaringen van getuigen, waaronder bestuursleden van Stichting R en medewerkers van de B.V., en e-mailcorrespondentie waaruit bleek dat het bestuur van Stichting R geen lening aan verdachte had goedgekeurd. Verdachte maakte misbruik van zijn positie en beschikte over de gelden uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking, waardoor sprake was van verduistering volgens artikel 322 Sr Pro.
Hoewel verdachte kennelijk de bedoeling had de gelden terug te betalen en een deel daarvan al was terugbetaald, oordeelde het hof dat hij willens en wetens eigenmachtig handelde. De straf bestaat uit een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar en een taakstraf van 150 uur, met een subsidiaire hechtenis van 75 dagen.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht, waarbij verdachte werd veroordeeld voor verduistering. De straf weerspiegelt de ernst van het feit en het misbruik van vertrouwen, maar houdt ook rekening met de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden en een taakstraf van 150 uren wegens verduistering uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking.