ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ4773
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- C.M. Aarts
- R.R.M. de Moor
- A.Ph.C.M. Jaspers
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over ontslag op staande voet wegens vermeende intimidatie en integriteitsschending
De zaak betreft een hoger beroep van een voormalig directeur financiën en vastgoedprojecten van een woningbouwvereniging, die op staande voet werd ontslagen wegens intimidatie en schending van integriteitsregels. De werkgever baseerde het ontslag op verklaringen van medewerkers die zich geïntimideerd voelden en het forensisch onderzoek zouden zijn gefrustreerd.
De voorzieningenrechter had het ontslag op staande voet bevestigd, maar het hof stelt vast dat de werkgever onvoldoende concreet heeft gemotiveerd waarom de aanwezigheid van de werknemer op de werkvloer het onderzoek zou belemmeren. Ook is het ontslag niet onverwijld gegeven, aangezien de werknemer pas na zijn terugkeer uit het buitenland werd ontslagen, terwijl hij bereid was eerder te reageren.
Het hof benadrukt dat de werkgever de dringende reden voor ontslag moet bewijzen en dat het achterwege laten van hoor en wederhoor voor risico van de werkgever is. De verklaringen van medewerkers zijn onvoldoende om het ontslag te dragen, mede omdat de werknemer een genuanceerde weerwoord heeft gegeven dat onvoldoende is weersproken.
Daarom vernietigt het hof het vonnis van de rechtbank en veroordeelt de werkgever tot doorbetaling van het loon vanaf de datum van het ontslag op staande voet, inclusief vakantietoeslag, onkostenvergoeding en overige emolumenten. Tevens worden de proceskosten aan de zijde van de werknemer toegewezen.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de werkgever tot doorbetaling van loon en vernietigt het ontslag op staande voet.