ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ7906
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- M.C. Bijleveld-van der Slikke
- J.H.J.M. Mertens-Steeghs
- O.G.H. Milar
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie: geen beëindiging ondanks vermeend grievend gedrag en samenwoning
In deze civiele zaak ging het om het hoger beroep van de man tegen een beschikking van de rechtbank Breda waarin partneralimentatie was vastgesteld ten gunste van de vrouw. De man stelde dat de vrouw zich zodanig grievend had gedragen dat de onderhoudsverplichting moest worden beëindigd of gematigd. Tevens voerde hij aan dat de vrouw samenwoonde met een ander als waren zij gehuwd, waardoor haar recht op alimentatie zou vervallen.
Het hof oordeelde dat de door de man gestelde gedragingen, waaronder een vermeende langdurige affectieve en seksuele relatie van de vrouw met een ander, niet kwalificeerden als zodanig wangedrag dat de lotsverbondenheid werd beëindigd. Ook was onvoldoende gesteld dat sprake was van samenwoning als waren zij gehuwd in de zin van artikel 1:160 BW Pro. De onderhoudsverplichting werd daarom niet beëindigd of gematigd.
Vervolgens beoordeelde het hof de behoefte van de vrouw en de draagkracht van de man. De vrouw was arbeidsongeschikt en had een aanvullende behoefte aan alimentatie. De man was ontslagen en had naast zijn WW-uitkering ook inkomen uit een beleggingsrekening. Het hof stelde de draagkracht van de man per periode vast en paste de alimentatiebedragen dienovereenkomstig aan.
Het hof vernietigde de bestreden beschikking voor zover die de alimentatie betrof en bepaalde nieuwe maandelijkse bedragen voor vier verschillende periodes, rekening houdend met het fiscaal voordeel van de man. De beschikking werd tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het overige werd afgewezen.
Uitkomst: De onderhoudsverplichting van de man jegens de vrouw wordt niet beëindigd of gematigd, maar de alimentatiebedragen worden aangepast aan zijn gewijzigde draagkracht.