ECLI:NL:GHSHE:2013:CA3099
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep WOZ-waarde: schending hoorplicht maar waarde bevestigd
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, welke door de heffingsambtenaar werd gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het hof.
Het hof constateerde dat de heffingsambtenaar de hoorplicht uit artikel 7:5 Awb Pro heeft geschonden door belanghebbende niet te horen in de bezwaarfase. De rechtbank had dit ten onrechte niet meegewogen, terwijl partijen van mening verschillen over feiten en waardering, met name over de gedateerdheid van de woning. Desondanks besloot het hof op verzoek van belanghebbende zelf in de zaak te voorzien.
De heffingsambtenaar heeft de WOZ-waarde van €443.000 aannemelijk gemaakt, onder meer door een waardevermindering van 10% wegens gedateerdheid toe te passen. Belanghebbendes stellingen over asbest en onvoldoende correctie werden onvoldoende onderbouwd geacht. Het hof oordeelde dat de waarde niet te hoog is vastgesteld en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Vanwege de schending van de hoorplicht werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten van belanghebbende. Het hof wees ook de klachten over taxatie en referentiepanden af en bevestigde dat de heffingsambtenaar niet verplicht was tot inpandige taxatie.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €443.000 bevestigd, met vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende wegens schending van de hoorplicht.