ECLI:NL:GHSHE:2013:CA3889
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen bron van inkomen bij sportvisseractiviteiten in 2006; navorderingsaanslag bevestigd
Belanghebbende exploiteerde vanaf 2006 een vaartuig voor sportvisserij en wilde daarnaast hengelsportartikelen verkopen. Ondanks een inschrijving bij de Kamer van Koophandel en een ondernemingsplan, bleven de omzetten in de jaren 2006 tot en met 2009 zeer beperkt en werden er voornamelijk verliezen geleden. De activiteiten vonden hoofdzakelijk in de weekenden plaats en waren sterk afhankelijk van weersomstandigheden.
De Inspecteur stelde dat deze activiteiten geen bron van inkomen vormden en legde een navorderingsaanslag op, welke door de Rechtbank werd bevestigd. Belanghebbende ging in hoger beroep en voerde aan dat er wel degelijk een objectieve winstverwachting bestond, mede gezien de mogelijke opbrengsten bij voldoende vaardagen.
Het Hof oordeelde dat hoewel aan deelname aan het economische verkeer en het beogen van voordeel was voldaan, de objectieve winstverwachting ontbrak. Dit werd onderbouwd met de geringe omzetten, de beperkte beschikbaarheid van vaardagen, de hoge afschrijvingskosten en het feit dat belanghebbende zijn dienstbetrekking niet wilde opzeggen. Ook werd vastgesteld dat de latere succesvolle activiteiten vanaf 2010 een wezenlijk andere aard en intensiteit hadden, waardoor deze niet als voortzetting konden worden gezien.
Daarom verklaarde het Hof het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de Rechtbank. Tevens werd het griffierecht niet vergoed en werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag bevestigd.