ECLI:NL:GHSHE:2013:CA4022
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- W.Th.M. Raab
- O.G.H. Milar
- M.K. de Menthon Bake
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen schorsing gezag vader na overlijden moeder
De vader werd geschorst in de uitoefening van het gezag over zijn dochter na het overlijden van de moeder, waarbij hij werd verdacht van betrokkenheid bij haar moord. De Raad voor de Kinderbescherming en de stichting werden belast met de voorlopige voogdij. De vader ging in hoger beroep tegen deze schorsing en voerde aan dat er geen feiten waren die tot ontzetting van het gezag konden leiden, noch sprake was van slecht levensgedrag jegens zijn dochter.
Tijdens de behandeling in hoger beroep werd vastgesteld dat er geen recente feiten waren die ontzetting van het gezag konden rechtvaardigen. Het hof oordeelde dat het eerdere besluit tot schorsing terecht was gezien de omstandigheden direct na het overlijden, maar dat er thans geen grond meer was om de schorsing voort te zetten. De vader werd niet als verdachte aangemerkt en er was geen bewijs van gevaar voor de dochter.
Het hof vernietigde daarom de beschikking van de rechtbank voor zover deze de schorsing en voorlopige voogdij betrof vanaf 18 juni 2013 en wees het verzoek van de raad af. De dochter verbleef op een geheime locatie en had moeite met het verlies van haar moeder, maar er was geen aanwijzing dat de vader een risico vormde. De overige onderdelen van de beschikking werden bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof vernietigt de schorsing van de vader in het gezag en wijst het verzoek om voorlopige voogdij af vanaf 18 juni 2013.