ECLI:NL:GHSHE:2014:1087

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
8 april 2014
Publicatiedatum
16 april 2014
Zaaknummer
HD 200.080.072_01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 Rv
Verwijzingen
7 uitgaand · 6 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelarrest betreffende kennelijke fout in waardering onroerende zaak bij verdeling nalatenschap

In de procedure in hoger beroep betreffende de verdeling van een nalatenschap en de waardering van een onroerende zaak, constateerde het gerechtshof 's-Hertogenbosch ambtshalve een kennelijke fout in het arrest van 28 januari 2014. Deze fout betrof de onjuiste vermelding van een plaatsnaam in het dictum en in rechtsoverweging 14.4.

Het hof gaf partijen de gelegenheid om hun mening over de voorgestelde verbetering kenbaar te maken. Namens appellant werd geen bezwaar gemaakt, terwijl de wederpartij geen reactie gaf binnen de gestelde termijn. Gezien deze omstandigheden en het duidelijke karakter van de fout, besloot het hof de plaatsnaam in het dictum en in de rechtsoverweging te corrigeren.

Deze verbetering werd vastgelegd onder de datum 8 april 2014 en vermeld op de minuut van het oorspronkelijke arrest. Hiermee werd de rechtszekerheid gediend en werd het arrest inhoudelijk niet gewijzigd, maar slechts formeel hersteld.

Uitkomst: Het gerechtshof heeft een kennelijke fout in het arrest van 28 januari 2014 hersteld door een plaatsnaam te corrigeren in het dictum en een rechtsoverweging.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht
zaaknummer HD 200.080.072/01
arrest van 8 april 2014 strekkende tot VERBETERING in de zin van artikel 31 Rv Pro van het arrest, gewezen op 28 januari 2014
in de procedure in hoger beroep die bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig is geweest tussen

[appellant] ,

wonende te [woonplaats] ,
appellant in principaal hoger beroep,
geïntimeerde in incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. F. van Amstel te 's-Hertogenbosch,
tegen

[geïntimeerde] ,

wonende te [woonplaats] (België),
geïntimeerde in principaal hoger beroep,
appellante in incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. L.A. van Els-van den Berg te ’s-Hertogenbosch.
Bij brief van 5 februari 2014 heeft de griffier van het hof aan partijen bericht dat het hof ambtshalve heeft geconstateerd dat in het arrest van 28 januari 2014 een kennelijke fout voorkomt als bedoeld in artikel 31 Rv Pro. Het betreft de vermelding “ [plaats 1] ” in plaats van “ [plaats 2] ” in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4.
Het hof heeft partijen in de gelegenheid gesteld hun mening hierover aan het hof kenbaar te maken. Mr. Van Amstel heeft bij brief van 7 februari 2014 namens zijn cliënt laten weten geen bewaar te hebben tegen herstel. De wederpartij heeft geen gebruik gemaakt van de geboden gelegenheid binnen de gestelde termijn van veertien dagen te reageren.
Het hof is van oordeel dat sprake is van een kennelijke fout die op de hierna te bepalen wijze dient te worden hersteld.
Het hof:
bepaalt dat de vermelding “ [plaats 1] ” in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4. wordt gewijzigd in “ [plaats 2] ” ;
bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum 8 april 2014 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 28 januari 2014.
Dit arrest is gewezen door mrs. N.J.M. van Etten, B.A. Meulenbroek en W.H.B. den Hartog Jager en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 8 april 2014.