Partijen zijn in 1997 gehuwd en hebben twee kinderen die bij de man wonen. De rechtbank Limburg had de man veroordeeld tot betaling van € 2.700 per maand partneralimentatie aan de vrouw na hun echtscheiding.
De man ging in hoger beroep en stelde dat het grievende gedrag van de vrouw jegens hem en de kinderen, waaronder emotionele verwaarlozing, fysieke mishandeling en bedreigingen, de onderhoudsverplichting uitsluit. Het hof nam het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming en verklaringen van de kinderen mee in haar oordeel.
Het hof oordeelde dat het gedrag van de vrouw zo ernstig en onmiskenbaar grievend was dat van de man in redelijkheid niet gevergd kan worden bij te dragen in haar levensonderhoud. De eerdere beschikking werd vernietigd en het verzoek van de vrouw tot partneralimentatie werd afgewezen.
De overige grieven van de man behoefden geen bespreking meer. De beschikking werd voor zover relevant vernietigd en de afwijzing van partneralimentatie werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.