Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde 1],
[geïntimeerde 2],beiden wonende te [woonplaats 2],
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 144050/HA ZA 09-1147)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
persoonlijkop hem rustende zorgvuldigheidsverplichting jegens [geïntimeerden] heeft geschonden, gaat het hof daaraan voorbij. Daargelaten dat [geïntimeerden] zich ter onderbouwing van deze stelling hebben beroepen op dezelfde verwijten als hierboven zijn verworpen, hebben zij geen feiten en omstandigheden gesteld op grond waarvan kan worden aangenomen dat sprake is van schending van een zorgvuldigheidsnorm die tot [appellant]
persoonlijkis gericht, dus los van het verwijt dat door de onbehoorlijke taakuitoefening door [appellant] als bestuurder, [appellant] B.V. heeft gehandeld in strijd met een op haar rustende zorgvuldigheidsverplichting.