Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geintimeerde 1.],wonende te [woonplaats],
[geintimeerde 2.],wonende te [woonplaats],
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele procedure stond de ontbinding van een huurkoopovereenkomst tussen [Holding] Holding BV en [geintimeerde 1.] c.s. centraal, alsmede de vaststelling van een redelijke gebruiksvergoeding voor het gebruik van een bedrijfspand en bedrijfswoning.
Het hof bevestigde dat een redelijke gebruiksvergoeding in mindering moet worden gebracht op het terug te betalen bedrag aan aflossingen. Partijen verschillen van mening over de hoogte van deze vergoeding. [Geintimeerde 1.] c.s. stelden een marktconforme huurwaarde van €13.000 per maand voor, gebaseerd op een taxatierapport van november 2010. [Holding] betwistte dit bedrag en verwees naar een lager getaxeerde huurwaarde van juni 2010 en stelde dat de gebruiksvergoeding maximaal gelijk moest zijn aan de rentevergoeding van €5.708 per maand.
Het hof oordeelde dat de waardestijging van het pand door verbeteringen van [Holding] niet was vastgesteld en dat de redelijke gebruiksvergoeding moet aansluiten bij de marktconforme huurwaarde. Het hof verwierp het beroep op een maximale vergoeding gelijk aan de rente en ging uit van de hogere taxatie van €13.000 per maand, verminderd met de betaalde rente. Dit leidde tot een netto gebruiksvergoeding van €194.672,00, waardoor [geintimeerde 1.] c.s. €114.000,00 aan [Holding] verschuldigd zijn, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 26 juni 2012.
Verder werden vorderingen tot betaling van verzekeringskosten deels toegewezen en proceskosten verdeeld. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht, waarbij het hoger beroep van [Holding] tegen een tussenvonnis niet-ontvankelijk werd verklaard.
Uitkomst: De huurkoopovereenkomst is ontbonden per 26 juni 2012 en [geintimeerde 1.] c.s. moeten €114.000 plus wettelijke rente aan [Holding] betalen als redelijke gebruiksvergoeding.