Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [Nederlandse onderneming 1] en/of [Nederlandse onderneming 2] , hierna te noemen [de BV] , in of omstreeks de periode van 01 november 2003 tot 01 februari 2007 te Best en/of Eindhoven, in ieder geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans met [verdachte] , verdachte, (telkens) (een deel van) de bedrijfsadministratie van [de BV] - zijnde (dat deel van) die bedrijfsadministratie (telkens) (een) (samenstel van) geschrift(en) die/dat bestemd waren/was om tot bewijs van enig feit te dienen - (telkens) valselijk heeft/hebben opgemaakt of vervalst, immers heeft/hebben [de BV] en/of verdachte en/of een of meer van hun mededader(s) toen aldaar (telkens) valselijk of in strijd met de waarheid, zakelijk weergegeven, in (dat deel van) die bedrijfsadministratie opgenomen, althans doen of laten opnemen
veroordeeld, vrijgesproken of ontslagen van rechtsvervolging(
onderstreping hof).
[buitenlandse onderneming 1]
- in hoger beroep heeft de eerste (rol)zitting plaatsgevonden op 26 februari 2013,
- een nadere regiezitting is bepaald op 14 mei 2013 in verband met de samenhang met de strafzaken tegen de medeverdachten;
- de inhoudelijke behandeling is bepaald op 10 september 2013;
- op verzoek van de verdediging is de behandeling aangehouden in verband met ziekte van de raadsman van de verdachte, evenals de daarop volgende zitting van 28 januari 2014 in verband met een operatie van de raadsman van de verdachte;
- de daarop volgende terechtzitting van 22 april 2014 is aangehouden in verband met de detentie van de verdachte in Spanje, terwijl hij gebruik wil maken van zijn aanwezigheidsrecht en omdat het voor de raadsman lastig is om met de verdachte in contact te treden. Het hof heeft de advocaat-generaal vervolgens verzocht om bij de Spaanse autoriteiten informatie in te winnen over de datum waarop de verdachte in vrijheid zal worden gesteld;
- op 4 juli 2014 is de zaak aangehouden tot een terechtzitting in januari 2015 omdat nog onvoldoende duidelijkheid was verkregen over een mogelijke datum van invrijheidstelling;
- ter terechtzitting van 27 januari 2015 is gebleken dat de datum van invrijheidstelling van de verdachte 24 februari 2018 is. Door het hof is vervolgens bepaald dat de advocaat-generaal zou onderzoeken of er mogelijkheden zijn voor een verlof van de verdachte naar Nederland;
- op 23 juni 2015 is de verdachte met toestemming van de Spaanse autoriteiten ter terechtzitting aanwezig. De verdediging heeft stukken in het geding gebracht in de Spaanse taal om aan te tonen dat de verdachte in Spanje wordt vervolgd voor dezelfde feiten, welke stukken vertaald dienen te worden;
- op 28 augustus 2015 heeft nog een regiezitting plaatsgevonden en is de inhoudelijke behandeling bepaald op 13 oktober 2015;
- op 2 oktober 2015 zijn de vertaalde stukken bij het hof binnengekomen en aan het dossier toegevoegd.
BESLISSING
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) jaar.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.