Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/01/259422/HA ZA 13-133)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord tevens memorie van grieven in het incidenteel hoger beroep met producties;
- de memorie van antwoord in het incidenteel hoger beroep en
- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd.
3.De beoordeling
“international franchise agreement”tussen [International] B.V. (de rechtsvoorganger van [International] ) als franchisegever en HB Israël als franchisee. In deze overeenkomst staat onder meer:
“Moving forward- Action plan”.
“Payments and overdues”– het volgende aan HB Israël bericht:
“Difficulties in Running the Bodique business in Israel”– zich beklaagd bij [International] :
“investment & losses”, waarvan de ene versie een totaalbedrag van 3.511.539 NIS (Israëlische Shekel) en de andere versie 3.569.490 NIS vermeldt. In dit overzicht staan weergegeven de over 2010-2013 in totaal door HB Israël geïnvesteerde bedragen minus de verkoopopbrengsten. Op het slotblad van deze specificatie staan tevens als schadeposten vermeld de gederfde toekomstige winst (loss of NPV EBITDA) van in totaal 5.200.000 NIS en
“Reputational damage”van 2.500.000 NIS. De totale schade bedraagt volgens HB Israël 11.269.490 NIS, zijnde