ECLI:NL:GHSHE:2015:5033
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- L.Th.L.G. Pellis
- C.N.M. Antens
- A.J. Coster
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging weigering toelating schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw
Appellant verzocht om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling vanwege een schuldenlast van circa €16.700, waaronder schulden aan de gemeente, Belastingdienst en het CJIB. De rechtbank wees het verzoek af omdat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij te goeder trouw was ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van zijn schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn schulden niet waren ontstaan door het niet ontvangen van een WWB-uitkering in 2013, maar door diverse omstandigheden waaronder terugbetalingen van uitkeringen en problemen met werkgevers. Hij stelde ook dat hij vanwege fysieke klachten niet kon werken en niet hoefde te solliciteren. Het hof nam kennis van een UWV-email en een re-integratierapport waaruit bleek dat appellant onvoldoende inspanningen leverde om te re-integreren.
Het hof oordeelde dat appellant niet te goeder trouw was, onder meer omdat hij niet aannemelijk had gemaakt dat hij de bijstandsuitkering onterecht niet ontving, zijn belastingschuld en boete aan het CJIB niet te goeder trouw waren ontstaan, en hij onvoldoende medewerking gaf aan re-integratie. Het beroep op de hardheidsclausule werd verworpen omdat deze niet van toepassing is indien het verzoek mede wordt afgewezen wegens onvoldoende nakoming van verplichtingen.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende nakoming van verplichtingen.