Uitspraak
5.Het tussenarrest van 2 september 2014
6.De verdere loop van de procedure
7.De beoordeling
Het hof stelt op grond van het voorgaande dan ook vast dat [appellante] weliswaar toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van een voor haar uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichting, maar ziet evenwel aanleiding om te bepalen dat deze tekortkoming gezien haar, naar thans blijkt, geringe betekenis buiten beschouwing blijft. Aan [appellante] dient derhalve alsnog de “schone lei” te worden verleend.
8.De uitspraak
[appellante],