ECLI:NL:GHSHE:2016:4492
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- S.M.A.M. Venhuizen
- L.Th.L.G. Pellis
- F.J.M. Walstock
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toelating wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende gegevens en niet te goeder trouw
In deze civiele zaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het beroep van appellante tegen de afwijzing van haar verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling behandeld. De rechtbank had het verzoek reeds afgewezen omdat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij zich maximaal had ingespannen om haar schulden te voldoen en niet te goeder trouw was ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden.
Het hof constateerde dat de bij de artikel 285 Faillissementswet Pro-verklaring gevoegde schuldenlijst ernstige gebreken vertoonde, zoals onjuiste ontstaansdata, ontbrekende bedragen en onduidelijke schuldeisers, waardoor toetsing van de schulden niet mogelijk was. Tevens was onvoldoende aangetoond dat de schulden aan de Belastingdienst te goeder trouw waren ontstaan. Daarnaast had appellante niet aannemelijk gemaakt dat zij de afgelopen jaren betaalde arbeid had verricht, ondanks dat zij hiertoe in staat werd geacht.
Het hof oordeelde dat appellante niet te goeder trouw was ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden en dat de gebrekkige schuldenlijst een zelfstandige reden vormde om het verzoek af te wijzen. Het hof bekrachtigde daarom het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling af.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.