ECLI:NL:GHSHE:2016:4998

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
9 november 2016
Publicatiedatum
9 november 2016
Zaaknummer
20-002201-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 407 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens onrechtmatige beperking van het appel

De verdachte was door de politierechter veroordeeld voor verduistering van een iPhone en vrijgesproken van diefstal van dezelfde iPhone. In het hoger beroep stelde de verdediging zich echter beperkt tot het subsidiaire feit van verduistering, waarmee zij een onwettige beperking van het hoger beroep aanbracht.

Het hof overwoog dat artikel 407 Sv Pro bepaalt dat hoger beroep slechts tegen het vonnis in zijn geheel kan worden ingesteld, tenzij er sprake is van meerdere afzonderlijke strafbare feiten. In deze zaak ging het echter om één materieel feit dat primair als diefstal en subsidiair als verduistering werd gekwalificeerd, waardoor beperking van het hoger beroep niet toegestaan was.

Omdat de verdachte niet is verschenen op de terechtzitting en geen wens kenbaar maakte het hoger beroep zonder beperking voort te zetten, verklaarde het hof de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens onrechtmatige beperking van het appel.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer : 20-002201-15
Uitspraak : 26 oktober 2016
VERSTEK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, locatie Maastricht, van 26 juni 2015 in de strafzaak met parketnummer 03-700253-15 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1980,
wonende te [adres] .
Hoger beroep
De verdachte heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het hoger beroep.
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
Bij akte rechtsmiddel, d.d. 7 juli 2015, heeft mw. mr. L. Entjes, advocaat te Maastricht , namens verdachte hoger beroep ingesteld tegen feit 2 subsidiair van het eindvonnis van de politierechter van 26 juni 2015.
Bij appelschriftuur houdende grieven van 13 juli 2015 heeft mr. H. Külcü, advocaat te Maastricht namens verdachte toegelicht dat de eerste rechter de verdachte heeft vrijgesproken ter zake van feit 2 primair (diefstal van een iPhone) en heeft veroordeeld ter zake van feit 2 subsidiair (verduistering van de iPhone), en dat “het hoger beroep zich beperkt tot de verduistering van de Iphone (als onderdeel van het subsidiair impliciet cumulatief ten laste gelegde feit 2)”.
Op de terechtzitting van het hof is noch verdachte, noch een door de verdachte gemachtigde advocaat verschenen.
De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat er sprake is van een primair/ subsidiaire tenlastelegging en, als de verdediging niet terug komt op de beperking in de ingediende akte, dat de verdachte ingevolge artikel 407 van Pro het Wetboek van Strafvordering niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar hoger beroep.
Het hof overweegt als volgt.
Artikel 407 Sv Pro luidt:
“1. Het hooger beroep kan slechts tegen het vonnis in zijn geheel worden ingesteld.
2. Zijn echter in eersten aanleg strafbare feiten gevoegd aan het oordeel van de rechtbank onderworpen, dan kan het hooger beroep tot het vonnis voor zoover dit eene of meer der gevoegde zaken betreft, worden beperkt.”
In het onderhavige geval is sprake van een tenlastelegging (onder 2) die primair het verwijt bevat van diefstal, al dan niet in vereniging, van een iPhone en subsidiair, indien het primair tenlastegelegde niet tot een veroordeling leidt, het verwijt van verduistering van deze iPhone.
Van het (al dan niet impliciet) cumulatief ten laste leggen van meerdere afzonderlijke strafbare feiten is in deze tenlastelegging geen sprake. Het gaat om één materieel feit dat volgens de steller van de tenlastelegging moet worden geduid als (primair) diefstal althans als (subsidiair) verduistering.
Door het hoger beroep te beperken tot de veroordeling ter zake van feit 2 subsidiair heeft de verdediging een wettelijk niet toegelaten beperking van het appel aangebracht.
Ter terechtzitting is niet kunnen blijken van de wens van de verdachte om het hoger beroep zonder de ten onrechte in de appelakte aangebrachte beperking te willen voortzetten
Het gevolg hiervan is dat de verdachte in het hoger beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in haar hoger beroep.
Aldus gewezen door
mr. R.D. van Heffen, voorzitter,
mr. J.C.A.M. Claassens en mr. O.A.J.M. Lavrijssen, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. J. de Leijer, griffier,
en op 26 oktober 2016 ter openbare terechtzitting uitgesproken.