ECLI:NL:GHSHE:2017:1955
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- S.M.A.M. Venhuizen
- L.Th.L.G. Pellis
- A.J. Coster
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging weigering toelating schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goed vertrouwen en onvoldoende nakoming
De zaak betreft het hoger beroep van een schuldenaar die verzocht om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. De rechtbank had dit verzoek afgewezen op grond van artikel 288 lid 1 sub b en Pro c Faillissementswet, omdat de schuldenaar niet te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden en onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij de verplichtingen uit de regeling zou nakomen.
De schuldenaar had een café verkocht waarbij zij haar aanbiedingsplicht schond en daardoor een boete van minimaal € 25.000,- aan een schuldeiser verschuldigd was. Ondanks haar stellingen over psychische problematiek en bedreiging, oordeelde het hof dat zij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij te goeder trouw was. Ook werden haar uitgaven als bovenmatig beoordeeld en was er onvoldoende bewijs van een saneringsgezinde houding.
Daarnaast werd een belastingschuld niet als te goeder trouw ontstaan aangemerkt. Het beroep op de hardheidsclausule faalde omdat de schuldenaar onvoldoende aannemelijk maakte dat haar psychosociale problemen onder controle waren. Het hof bekrachtigde daarom het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goed vertrouwen en onvoldoende nakoming van verplichtingen.