ECLI:NL:GHSHE:2017:2224
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens dodelijk verkeersongeval door verzuim voorrang te verlenen bij rechtsaf slaan
Op 19 mei 2014 veroorzaakte de verdachte als bestuurder van een vrachtauto in Tilburg een verkeersongeval waarbij een fietsster om het leven kwam doordat hij bij het rechtsaf slaan geen voorrang verleende aan de fietsster. De rechtbank veroordeelde hem tot een taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van twaalf maanden.
De verdachte stelde in hoger beroep dat hij geen schuld had omdat hij de fietsster niet had gezien ondanks zijn zorgvuldigheid en dat de fietsster pas na het optrekken van zijn vrachtauto op de kruising was verschenen. Het hof overwoog dat op basis van technisch verkeerslichtonderzoek en getuigenverklaringen vaststaat dat de fietsster zich gedurende een aanzienlijke tijd op de opstelplaats bevond terwijl de vrachtauto stilstond, waardoor de verdachte haar had moeten zien.
Het hof verwierp het verweer van de verdachte en bevestigde dat hij in aanzienlijke mate onvoorzichtig en onoplettend was geweest. De strafmaat bleef gelijk aan die van de rechtbank, met een taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van één jaar met een proeftijd van twee jaar, mede rekening houdend met het belang van de verdachte als beroepschauffeur.
Het vonnis werd op 23 mei 2017 door het gerechtshof ’s-Hertogenbosch uitgesproken en bevestigd.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van één jaar wegens het veroorzaken van een dodelijk verkeersongeval door het niet verlenen van voorrang bij rechtsaf slaan.