Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de moeder, bijgestaan door mr. Vlaar en J.E. Hynd (tolk in de Engelse taal met nr. 1159);
- de GI, vertegenwoordigd door mevrouw [vertegenwoordiger van de GI 1] en de heer [vertegenwoordiger van de GI 2] ;
3.De feiten
- [minderjarige 1] (hierna te noemen: [minderjarige 1] ), geboren op [geboortedatum] 2013 te [geboorteplaats] ;
- [minderjarige 2] (hierna te noemen: [minderjarige 2] ), op [geboortedatum] 2013 te [geboorteplaats] .
- bovengenoemde beschikking van 26 april 2016 met ingang van 16 december 2016 vernietigd, voor zover het betreft de periode van uithuisplaatsing na 4 januari 2017;
- het inleidende verzoek van de GI tot verlenging van de machtiging uithuisplaatsing, voor zover het betreft de periode na 4 januari 2017, alsnog afgewezen;
- bovengenoemde beschikking van 26 april 2016 voor het overige bekrachtigd, te weten de ondertoezichtstelling tot 16 mei 2017 en de uithuisplaatsing tot 5 januari 2017.