Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
- verklaart het hoger beroep ongegrond;
- bevestigt de uitspraak van de Rechtbank.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting 2010 en stelde beroep in bij de rechtbank, dat niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening van het beroepschrift. Belanghebbende stelde in hoger beroep dat het beroepschrift wel tijdig was verzonden, namelijk op zijn verjaardag 13 november 2014.
Het hof onderzocht de bewijsvoering en stelde vast dat het poststempel op de enveloppe 17 november 2014 vermeldde, wat het bewijsrechtelijk uitgangspunt vormt voor de datum van terpostbezorging. Belanghebbende kon dit niet met bewijs ontkrachten.
Het hof oordeelde dat het beroep bij de rechtbank daardoor niet tijdig was ingediend en bevestigde de niet-ontvankelijkverklaring. Het voorlopige oordeel van de rechtbank was niet bindend. Er was geen reden om het griffierecht te vergoeden of proceskosten toe te wijzen.
De schriftelijke uitspraak vervangt de mondelinge uitspraak waartegen reeds cassatie is ingesteld. Tegen deze schriftelijke uitspraak is geen nieuw cassatieberoep mogelijk.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep door de rechtbank wordt bevestigd.