Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
2.Feiten
(…)
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
- verklaarthet hoger beroep ongegrond; en
- bevestigtde uitspraak van de Rechtbank.
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de boetebeschikking en behoudens de onder 5.10 hierna genoemde beslissingen van de Rechtbank;
- vernietigtde uitspraak van de Inspecteur;
- vermindertde aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 10.377 onder handhaving van de overige elementen van de aanslag; en
- vermindertde heffingsrentebeschikking dienovereenkomstig.
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de boetebeschikking en behoudens de onder 5.10 hierna genoemde beslissingen van de Rechtbank;
- vernietigtde uitspraak van de Inspecteur;
- vermindertde navorderingsaanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 19.255 onder handhaving van de overige elementen van de aanslag; en
- vermindertde heffingsrentebeschikking dienovereenkomstig.
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de boetebeschikking en behoudens de onder 5.10 hierna genoemde beslissingen van de Rechtbank;
- vernietigtde uitspraak van de Inspecteur;
- vermindertde aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 18.634 onder handhaving van de overige elementen van de aanslag; en
- vermindertde heffingsrentebeschikking dienovereenkomstig.
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de boetebeschikking en behoudens de onder 5.10 hierna genoemde beslissingen van de Rechtbank;
- vernietigtde uitspraak van de Inspecteur;
- vermindertde aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 15.441 onder handhaving van de overige elementen van de aanslag; en
- vermindertde heffingsrentebeschikking dienovereenkomstig.
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de boetebeschikking en behoudens de onder 5.10 hierna genoemde beslissingen van de Rechtbank;
- vernietigtde uitspraak van de Inspecteur;
- vermindertde aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 23.068 onder handhaving van de overige elementen van de aanslag; en
- vermindertde heffingsrentebeschikking dienovereenkomstig.
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de boetebeschikking en behoudens de onder 5.10 hierna genoemde beslissingen van de Rechtbank;
- vernietigtde uitspraak van de Inspecteur;
- vermindertde aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 23.655 onder handhaving van de overige elementen van de aanslag; en
- vermindertde heffingsrentebeschikking dienovereenkomstig.
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de boetebeschikking en behoudens de onder 5.10 hierna genoemde beslissingen van de Rechtbank;
- vernietigtde uitspraak van de Inspecteur;
- vermindertde aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 41.703 onder handhaving van de overige elementen van de aanslag; en
- vermindertde heffingsrentebeschikking dienovereenkomstig.
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de boetebeschikking en behoudens de onder 5.10 hierna genoemde beslissingen van de Rechtbank;
- vernietigtde uitspraak van de Inspecteur;
- vermindertde aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 25.204 onder handhaving van de overige elementen van de aanslag; en
- vermindertde heffingsrentebeschikking dienovereenkomstig.
- bevestigtde uitspraak van de Rechtbank voor zover het betreft de beslissingen omtrent het griffierecht, de proceskosten en de vergoeding van immateriële schade;
- gelastdat de Inspecteur aan belanghebbenden het door deze ter zake van de behandeling van het hoger beroep bij het Hof betaalde griffierecht ten bedrage van, in totaal, € 123 vergoedt; en
- veroordeeltde Inspecteur in de kosten van het geding bij het Hof aan de zijde van belanghebbenden, vastgesteld op in totaal € 2.227,50.