ECLI:NL:GHSHE:2018:1467
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezag over minderjarige wegens ernstige bedreiging ontwikkeling en ongeschiktheid ouders
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of het gezag van de ouders over hun minderjarige kind moest worden beëindigd. Het hof benoemde een deskundige die een forensisch psychologisch onderzoek uitvoerde naar de situatie van het kind en de opvoedvaardigheden van de ouders.
Uit het deskundigenrapport bleek dat de minderjarige kampt met ernstige sociaal-emotionele en leerproblemen, waaronder een reactieve hechtingsstoornis en posttraumatische stressstoornis, veroorzaakt door een jeugd met meerdere traumatische gebeurtenissen en onvoldoende emotionele verzorging. De ouders konden niet adequaat aan de specifieke pedagogische behoeften van het kind voldoen.
De moeder beschikte slechts over basale opvoedvaardigheden en vertoonde verstorend oudergedrag, terwijl de vader zijn leven niet op orde had en slechts een ondersteunende rol kon vervullen. Het kind verbleef al vier jaar in een perspectief biedend pleeggezin waar zij rust, stabiliteit en intensieve begeleiding kreeg, wat haar ontwikkeling ten goede kwam.
Gezien de ernst van de problematiek, het belang van continuïteit en hechting in het pleeggezin en de onzekere toekomst bij terugplaatsing naar de ouders, oordeelde het hof dat beëindiging van het ouderlijk gezag gerechtvaardigd was. De kosten van de deskundige werden ten laste van het Rijk gebracht.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het ouderlijk gezag over de minderjarige vanwege ernstige bedreiging van haar ontwikkeling en het onvermogen van de ouders om binnen een aanvaardbare termijn voor haar zorg en opvoeding te zorgen.