Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Doorwerk B.V.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak stond de beëindiging van de schuldsaneringsregeling van appellant [appellante] centraal. De rechtbank had geoordeeld dat zij toerekenbaar tekort was geschoten in haar verplichtingen, met name de sollicitatie- en arbeidsverplichting, en had de regeling beëindigd zonder toekenning van een schone lei. Hiertegen gingen [appellante] en Doorwerk B.V. in hoger beroep.
Het hof stelde vast dat [appellante] vanaf het begin van de regeling tot aan haar vrijstelling op 1 april 2017 onvoldoende had gesolliciteerd, ondanks waarschuwingen en een verhoor bij de rechter-commissaris. De tijdelijke vrijstelling van de sollicitatieplicht vanaf april 2017 deed hieraan niets af. De door haar gestelde psychosociale problematiek was onvoldoende onderbouwd met medische stukken, waardoor de tekortkomingen haar toerekenbaar waren.
Tegelijkertijd erkende het hof dat [appellante] na haar vrijstelling wel voldoende had gesolliciteerd en zichzelf nu in staat acht om een fulltime arbeidsbetrekking te vervullen, mits intensief begeleid. Het hof besloot daarom de regeling te verlengen met 18 maanden, waarbij strikte voorwaarden voor sollicitatie en rapportage werden opgelegd. De beschermingsbewindvoerder werd niet-ontvankelijk verklaard in haar beroep. De zaak werd terugverwezen naar de rechtbank voor de voortzetting van de regeling.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis, verklaart de beschermingsbewindvoerder niet-ontvankelijk en verlengt de schuldsaneringsregeling met 18 maanden.