Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/302948 / HA ZA 15-504)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord met een productie;
- de akte van [appellant] ;
- de antwoordakte van Enexis.
3.De beoordeling
- [appellant] woont aan de [adres] te [woonplaats] . In de woning bevindt zich een verwarmd binnenzwembad. Voorts exploiteert [appellant] op dat adres een siersmederij.
- Vanaf 16 mei 2002 tot 17 april 2014 heeft tussen Enexis en [appellant] een overeenkomst bestaan op grond waarvan Enexis aan [appellant] ten behoeve van het adres [adres] te [woonplaats] onder meer een elektriciteitsaansluiting en een kWh-meter ter beschikking heeft gesteld en meetdiensten heeft geleverd. Via de elektriciteitsaansluiting is elektriciteit geleverd aan het adres.
- [appellant] heeft bij de conclusie van antwoord een aan hem gerichte factuur van 22 oktober 2013 van Wedo4U ten bedrage van € 425,20 overgelegd, met daarop de volgende werkomschrijving:
- Bij factuur van 26 juni 2014 heeft Enexis aan [appellant] € 28.487,86 in rekening gebracht. Het bedrag is opgebouwd uit tien op de factuur weergegeven posten. De eerste acht posten hebben betrekking op diverse kosten en belopen tezamen € 783,88. De negende post bedraagt € 611,82 en ziet op het verbruik van 8.867 kWh elektriciteit. De tiende post bedraagt € 27.092,16 en heeft betrekking op het verbruik van 392.640 kWh elektriciteit.
- [appellant] heeft op 28 juli 2014 ten titel van schadevergoeding € 1.395,70 (het totaal van de hiervoor genoemde bedragen van € 783,88 en € 611,82) betaald aan Enexis.
- Bij brief van 5 december 2014 heeft de officier van justitie aan [appellant] meegedeeld dat [appellant] niet wordt vervolgd en dat de op 26 september 2014 aan [appellant] (ter zake diefstal van elektriciteit) opgelegde strafbeschikking wordt ingetrokken.
- [appellant] heeft bij de conclusie van antwoord een schriftelijke verklaring van dhr. [getuige] van Wedo4U van 28 november 2014 overgelegd, waarin met betrekking tot de op de factuur van 22 oktober 2013 vermelde werkzaamheden onder meer het volgende staat:
- De rechtbank gaat uit van de juistheid van de bevindingen van de fraude-inspecteur van Enexis en van de onderzoeksafdeling van Enexis zoals neergelegd in het rapport van 24 juni 2014 (rov. 4.3).
- Het verweer van [appellant] dat de beschadigingen kunnen zijn ontstaan tijdens de werkzaamheden van oktober 2013 moet worden verworpen (rov. 4.4).
- Het verweer van [appellant] dat zijn voorganger (hof: vóór 16 mei 2002) de meter heeft gemanipuleerd, gaat niet op (rov. 4.6).
- Het verweer van [appellant] dat hij niet op de hoogte was van de manipulatie van de meter kan hem niet baten, omdat hij in dat geval kennelijk te weinig controlemaatregelen heeft genomen jegens andere in zijn pand aanwezige personen en dan dus in zoverre in zijn zorgplicht tekortgeschoten is (rov. 4.7, eerste deel).
- [appellant] is dus tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit de overeenkomst en zijn handelen kan bovendien worden aangemerkt als onrechtmatig. [appellant] moet daarom de door Enexis geleden schade vergoeden (rov. 4.8).
- De bewijslast van de omvang van de afgenomen elektriciteit rust op Enexis. Aan dat bewijs mogen echter in dit geval, waarin het enige controlemiddel van Enexis is gemanipuleerd, geen al te zware eisen worden gesteld (rov. 4.9, eerste deel).
- De door Enexis gemaakte berekening van het geschatte verbruik die enerzijds is gebaseerd op het verbruik in de voorlaatste registratieperiode en anderzijds op de omstandigheid dat twee van de drie shunts buiten werking waren gesteld, komt niet onredelijk voor, en kan gevolgd worden (rov. 4.9).
- De schade als gevolg van het openstaan van de twee shunts kan dus begroot worden op het door Enexis gevorderde bedrag van € 27.092,16. De vordering van Enexis wordt daarom toegewezen (rov. 4.10).
- afwijzing van de vorderingen van Enexis;
- veroordeling van Enexis tot terugbetaling van de op grond van het vonnis door [appellant] aan Enexis betaalde bedragen, vermeerderd met wettelijke rente;
- veroordeling van Enexis in de proceskosten, vermeerderd met nakosten en wettelijke rente.
- de als productie 1 en 2 overgelegde foto’s, waarop de ontbrekende verzegeling aan de linkerzijde van de meterkast en de valse verzegeling aan de rechterzijde van de meterkast zichtbaar zijn;
- als productie 9 en 10 overgelegde foto’s, waarop de drie shunts, waarvan er twee open staan, zichtbaar zijn.
4.De uitspraak
- A. dat de meter ten tijde van de in oktober 2013 door dhr. [getuige] uitgevoerde werkzaamheden geen gebreken vertoonde, althans dat ten tijde van en na afloop van die werkzaamheden de originele verzegelingen nog aanwezig waren;
- B. dat zijn gemiddeld elektriciteitsverbruik per jaar in de periode na de installatie van de nieuwe meter op 23 april 2014 niet wezenlijk afwijkt van de gemiddelde hoeveelheid elektriciteit die in de periode van 2002 tot 2013 per jaar via zijn elektriciteitsaansluiting is verbruikt;