Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 3 oktober 2017, waarbij het hof mondeling pleidooi heeft bepaald;
- de bij H3-formulier op 6 maart 2018 toegezonden akte houdende producties, met producties 11HB tot en met 15HB, van [geïntimeerde] ;
- de bij H3-formulier op 15 maart 2018 toegezonden akte houdende producties, tevens vermeerdering van eis, met producties 2HB en 16HB, van [geïntimeerde] ;
6.De verdere beoordeling
Partijen hebben zich niet uitgelaten over het door de kantonrechter toegepaste Nederlands recht, waarnaar de huurovereenkomst verwijst. Ook het hof zal hiervan uitgaan.
In confessois dat [appellant] de waarborgsom van fl. 10.000,00 heeft betaald. In artikel 20 is Pro, voor zover thans relevant, bepaald dat de waarborgsom zal worden verrekend bij het eindigen van de huur en nadat het gehuurde in behoorlijke staat aan verhuurder zal zijn opgeleverd, en voorts dat over het bedrag van de waarborgsom een jaarlijkse rente zal worden vergoed van 5% ‘betaalbaar op eind jaar’.