Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
- De onderhandelingen met betrekking tot de aankoop van de onroerende zaak zijn aangevangen omstreeks de jaarwisseling van 2013/2014. Tijdens de onderhandelingen heb ik de prijs welke ik voor de onroerende zaak wilde betalen bepaald.
- Ik was op het moment van de aankoop van de onroerende zaak op de hoogte van het feit dat de verkoopmakelaar mij onjuist geïnformeerd heeft over het woonoppervlakte van deze woning. Ik was op dat moment echter nog niet op de hoogte van het feit dat de dakopbouw problemen oplevert bij de afvoer van hemelwater. Ik had wellicht op de hoogte kunnen zijn van deze constructiefout indien ik, voorafgaande aan de aankoop, een bouwkundig advies had opgevraagd. Dat heb ik echter niet gedaan.
4.Gronden
5.Beslissing
- verklaarthet hoger beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank;
- verklaarthet tegen de uitspraken van de Heffingsambtenaar bij de Rechtbank ingestelde beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraken van de Heffingsambtenaar;
- steltde waarde van de onroerende zaak per de waardepeildatum 1 januari 2015, voor het belastingjaar 2016, vast op € 367.000;
- vermindertde aanslag dienovereenkomstig;
- gelastdat de Heffingsambtenaar aan belanghebbende het door deze ter zake van de behandeling van het beroep bij de Rechtbank en het hoger beroep bij het Hof betaalde griffierecht ten bedrage van, in totaal, € 170 vergoedt; en
- veroordeeltde Heffingsambtenaar in de kosten van het geding bij de Rechtbank en het geding bij het Hof aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op, in totaal, € 34,88.