Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
10 (tien) jaren.
€ 4.104,87 (vierduizend honderdvier euro en zevenentachtig cent) ter zake van materiële schade.
€ 4.104,87 (vierduizend honderdvier euro en zevenentachtig cent) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
51 (eenenvijftig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Arrest inzake:
[verdachte] ,
Een proces-verbaal verhoor getuige d.d. 30 september 2013 (pg. 726-730 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als verklaring van [getuige 2] :
het hof begrijpt: te Tilburg). Ik zag een auto bij de bushalte aan de linkerkant staan. De auto stond schuin op de weg en nog een stukje op de bushalte. De neus van de auto stond naar het midden van de weg. Ik keerde om want ik wilde weten wat er aan de hand was. Ik heb toen om 23.44 uur mijn collega gebeld om te vragen of hij naar de Stokhasseltlaan wilde komen.
Een proces-verbaal verhoor getuige d.d. 1 oktober 2013 (pg. 731-732 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als verklaring van [getuige 4] :
Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 23 september 2013 (pg. 712-713 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 1] :
Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 oktober 2013 (pg. 716-717 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 5] :
Een proces-verbaal verhoor getuige d.d. 1 oktober 2013 (pg. 734-736 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als verklaring van [ambulanceverpleegkundige 1] :
Een proces-verbaal verhoor getuige d.d. 4 oktober 2013 (pg. 739-740 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als verklaring van [ambulanceverpleegkundige 2] :
Een proces-verbaal van onderzoek plaats delict en de schouw d.d. 12 september 2014 (pg. 15-20 van het Forensisch dossier), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 2] , [verbalisant 3] en [verbalisant 6] :
Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 23 september 2013 (pg. 773-774 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 7] en [verbalisant 8] :
Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 23 september 2013 (pg. 961-966 van het zaakdossier), voor zover inhoudende als verklaring van [getuige 1] :
(het hof begrijpt telkens: verdachte)naar mij toe.
het hof begrijpt: 20.53 uur gelet op het proces-verbaal van camerabeelden d.d. 8 oktober 2013, pg. 1063-1064)zijn [slachtoffer] en [bijnaam 1 verdachte] gegaan.
(het hof begrijpt: [benadeelde partij] ), haar stiefvader. Ik zag verder niemand in de auto zitten.
(het hof begrijpt: 21.07 gelet op het proces-verbaal van bevindingen met telecomgegevens d.d. 3 maart 2014, pg. 1495)heb ik nog met de telefoon contact gehad met [slachtoffer] . Ze vertelde tegen mij dat ze niet de weg naar huis reden.
Een proces-verbaal project camerabeelden d.d. 30 oktober 2013 (pg. 1087-1088 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 8] :
De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg d.d. 12 mei 2016, voor zover inhoudende:
De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep d.d. 11 juni 2018, voor zover inhoudende:
Doodsoorzaak
Een geschrift, te weten het deskundigenrapport van dr. B. Kubat d.d. 18 december 2013, (pg. 139-150 van het Forensisch dossier), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een toxicologisch onderzoek in lichaamsmateriaal van [slachtoffer] d.d. 6 november 2013 door dr. B. Kubat (arts en patholoog van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI)), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een brief van dr. B. Kubat met als onderwerp: ‘Beantwoording aanvullende vragen’ d.d. 14 augustus 2014 (los opgenomen in dossier), voor zover inhoudende:
De verklaring van een deskundige, afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg d.d. 12 mei 2016, voor zover in houdende als verklaring van dr. B. Kubat:
Een geschrift, te weten een deskundigenverslag revisie obductie [slachtoffer] , opgesteld door dr. F.R.W. van de Goot, d.d. 7 november 2017 (los opgenomen in dossier), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een pathologie onderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet natuurlijke dood, opgenomen door rapporteur B. Kubat, d.d. 18 december 2013 (pg. 139-144), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een brief van [huisarts] (huisarts) d.d. 3 maart 2016 (los opgenomen in dossier), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een brief van [huisarts] (huisarts) d.d. 12 augustus 2016 (los opgenomen in dossier), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een geneeskundige verklaring ingevuld door geneeskundige [huisarts] (huisarts) d.d. 20 november 2013 (pg. 785 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende:
Een proces-verbaal verhoor getuige d.d. 24 september 2013 (pg. 789-795 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als verklaring van [benadeelde partij] :
(het hof begrijpt telkens: verdachte).
Een proces-verbaal verhoor getuige d.d. 15 oktober 2013 (pg. 834-857 van het zaaksdossier), voor zover inhoudende als verklaring van [moeder slachtoffer] :
Een proces-verbaal verhoor getuige d.d. 22 oktober 2013 (pg. 918-933), voor zover inhoudende als verklaring van [vader slachtoffer] :
Een proces-verbaal van onderzoek binnenzijde auto d.d. 14 september 2014 (pg. 29-40 van het Forensisch dossier), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 3] :
Een geschrift, te weten een vergelijkend onderzoek tussen een broek en het gezicht, n.a.v. het aantreffen van een overleden vrouw in Tilburg op 22 september 2013 door het NFI d.d. 2 april 2014, gerapporteerd door ing. I. Keereweer, deskundige kras- indruk- en vormsporenonderzoek, (pg. 151-164 van het Forensisch dossier), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een deskundigenrapport betreffende DNA-onderzoek d.d. 10 januari 2014, gerapporteerd door dr. P.J. Herbergs (pg. 165-175 van het Forensisch dossier), voor zover inhoudende:
het hof begrijpt: met SIN AAGQ4012NL) zijn bemonsterd en getest op de aanwezigheid van speeksel. Deze specifieke test voor humaan speeksel reageerde positief. Van de bemonsteringen van de vlekken zijn DNA-profielen opgesteld. Deze zijn gelijk aan het DNA-profiel van het [slachtoffer] . De frequentie van de opgestelde DNA-profielen is kleiner dan 1 op 1 miljard.
Een geschrift, te weten een deskundigenrapport betreffende DNA-onderzoek d.d. 21 maart 2014, gerapporteerd door dr. P.J. Herbergs (pg. 193-196) van het Forensisch dossier), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een deskundigenrapport betreffende Analyse van zwarte vlek op rode broek d.d. 3 april 2014, gerapporteerd door dr. ir. R.F.M. van Gorcom (pg. 204-214 van het Forensisch dossier), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een deskundigenrapport betreffende DNA-onderzoek d.d. 17 april 2014, gerapporteerd door dr. P.J. Herbergs, (pg. 200-201 van het forensisch dossier), voor zover inhoudende:
Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 14 april 2014 (pg. 1007-1016 van het zaakdossier), voor zover inhoudende als verklaring van [getuige 1] :
Een geschrift, te weten twee e-mailberichten d.d. 9 mei 2016, los opgenomen in dossier, voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een interdisciplinair rapport van de NFI- en TMFI-onderzoeken naar aanleiding van het aantreffen van het stoffelijk overschot van [slachtoffer] in Tilburg op 22 september 2013, d.d. 11 november 2015, los opgenomen in dossier, voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een deskundigenrapport beantwoording vragen meervoudige kamer door dr. B. Kokshoorn d.d. 8 april 2016 (los opgenomen in dossier), voor zover inhoudende: